Tagarchief: simulatie game

Virtuele wereld deel 2 – De waarneembare wereld

Ik ben van mening dat wij in een virtuele wereld leven en dus ook in een virtueel universum, de voor ons waarneembare wereld. Onder de waarneembare wereld versta ik het alles wat je kunnen voelen en zien, objecten om ons heen maar ook de sterrenstelsels, planeten, zwarte gaten en alle andere objecten.

Zoals bij de meeste mensen wel bekend, wordt verondersteld dat het universum ontstaan is met een “Big Bang” of in gewoon Nederlands een grote knal.

Dit is nog steeds een groot punt in de huidige wetenschap. Hoe kan alles uit niets ontstaan? Als je echter er van uitgaat dat alles om ons heen virtueel is en door een supercomputer wordt gegenereerd kun je de big bang ook zien als het starten van het simulatie programma.

Lees verder Virtuele wereld deel 2 – De waarneembare wereld

Virtuele realiteit deel 1 – De micro wereld

atoom (1)

Om te begrijpen hoe onze realiteit om ons heen functioneert is het belangrijk te zien hoe het op het allerkleinste niveau werkt.

Alles om ons heen is opgebouwd uit materie, vast materiaal. Althans dat is zoals wij dat ervaren. Maar is dat wel zo, is alles wel zo vast als wij denken ?  Materie is opgebouwd uit moleculen die op hun beurt weer bestaan uit atomen. Maar een atoom bestaat uit neutronen, protonen en elektronen. Maar het bijzondere is dat binnen een atoom zich voor 99% niets bevindt.

Dus materie is voor 99 % niets en voor 1 % maar vast materiaal , de protonen, neutronen en de elektronen.  Maar uiteindelijk bestaan deze onderdelen ook weer uit nog kleinere deeltjes.  

Alleen nu is er iets geks aan de hand. Als we de kleinste deeltjes weer gaan opdelen komen we op het gebied van de kwantumfysica.  Lees verder Virtuele realiteit deel 1 – De micro wereld

Vlinders zijn vrij (36) – DE TOEKOMST

DE TOEKOMST

Vraag: Ik meende in hoofdstuk zevenentwintig gelezen te hebben dat tijd niet bestaat. Waarom noem je dit laatste hoofdstuk dan ‘De Toekomst?’

Antwoord: Je hebt gelijk. Maar in hoofdstuk twintig heb ik gezegd: ‘Ik heb mijn dromen;’ en dat doe ik graag – een beetje dromen over de toekomst – zolang ik maar niet aan de vervulling gehecht raak.

Zo tegen het einde van de coconfase begin je rimpelingen in de universele oceaan te zien, beweging in deomgevingstemplate; het is dan in zijn algemeenheid leuk om te speculeren waar die rimpelingen heen leiden. Zo zijn er een paar rimpelingen waar ik bij wil stilstaan voordat ik dit boek beëindig, omdat het me fascineert.

De eerste rimpeling die ik zie is een van drama en conflict, van pijn, lijden, oorlog en geweld, dat die wereldwijd toenemen, ondanks of misschien dankzij, zoals ik in hoofdstuk achttien heb uitgelegd, de weerstand ertegen van al die vredesactivisten. De ontwikkelde landen zijn er nog niet zo door getroffen, maar raken er door het steeds chaotischer wereldwijde economische systeem wel bij betrokken.

Het dagelijkse nieuws bevat steeds meer oorlog, geweld en natuurrampen. Steeds meer werkelozen wereldwijd, meer honger, meer thuislozen, meer die geen idee hebben hoe zijzelf en hun families zullen overleven. Meer economieën die falen, regeringen die omvallen of problemen hebben en meer theorieën over dit alles die in de berm belanden.

Voor mij is dit alles echter niet meteen een slecht iets. Het zou een massale exodus uit het filmtheater op gang kunnen brengen met grote aantallen Spelers die zich in de tuin verzamelen om van de Boom des Levens te gaan eten. Met andere woorden: de duimschroeven worden nóg vaster aangedraaid, het rubber nóg verder uitgerekt en de situatie nóg slechter, totdat meer en meer Kindmensen uit hun stoelen zullen opstaan en zullen schreeuwen: ‘Weworden hier doodziek van en doen niet langer mee.’ Steeds meer Volwasmensen zullen ontdekken dat de achterkant van het theater ook niet werkt en de deur  daar zullen vinden. Vaak moet het eerst erger worden voordat het beter wordt.

Maar ik ben eerder te optimistisch geweest en ben er dus niet zeker van. Zoals Alan Shore zei in een slotpleidooi in de tv serie Boston Legal:

Toen de aanwezigheid van massavernietigingswapens niet waar bleek, verwachtte ik dat het Amerikaanse volk zou opstaan. Maar dat deden ze niet. Toen daarna de Abu Ghraib martelingen aan het licht kwamen en bleek dat onze regering daarin participeerde en een rol speelde – het kidnappen van mensen en aan regimes overdragen die gespecialiseerd zijn in marteling – was ik er zeker van dat het Amerikaanse volk van zich zou laten horen. Maar het bleef stil.

Toen kwam het nieuws dat we duizenden zogenaamde van ‘terrorisme’ verdachten gevangen hielden zonder vorm van proces, zelfs zonder recht op een gesprek met hun aanklagers. Hier zouden we toch zeker geen genoegen mee kunnen nemen. Maar deden het wel.

En nu is ontdekt dat de Executive Branch op massale schaal illegaal heeft gehandeld bij het aftappen van eigen burgers, u en mij; en ik troostte mezelf met de gedachte dat eindelijk, eindelijk het Amerikaanse volk hier genoeg van zou krijgen. Klaarblijkelijk niet dus.

Áls dan het volk van dit land heeft gesproken, dan is de boodschap: ‘We gaan ermee akkoord, met marteling, met illegale huiszoekingen en inbeslagnemingen, met illegale afluisterpraktijken, met gevangenschap zonder proces, met welk proces, oorlog of valse voorwendsels dan ook. Wij als burgers voelen ons niet beledigd. Er zijn op universiteitscampussen geen demonstraties; er zijn geen duidelijke indicaties dat jongeren het hebben opgemerkt.’1

Dat jongeren niet hebben gedemonstreerd is misschien een goed teken. Mogelijk realiseren ze zich datverandering niet werkt en ze de futiliteit van weerstand inzien, het zinloze van deelname aan groepen achterin het filmtheater, de ongebreidelde contradicties en inconsistenties van alle oordelende geloofssystemen.

Misschien zijn jongeren gewoon verdoofd, doodziek van het hele gedoe, zonder enig idee wat te doen, met nog geen idee van een vruchtbaar alternatief op het verouderde en inaccurate model van het filmtheater. Misschien zijn ze aan dit Mensenspel toe.

In hoofdstuk eenentwintig heb ik gevraagd: ‘Hoeveel pijn en lijden, inperking en restrictie moet er komen voordat miljoenen Spelers overstag gaan en begrijpen dat het hun oordeel en weerstand is die dat alles veroorzaakt, dat ze de onechte kennis en egolagen die deel van het filmtheater uitmaken gaan verwerken?’

Rimpeling nr.1 lijkt me dus in de richting van meer pijn en lijden te wijzen en vertelt me dat de achtbaan de top van de eerste klim nadert en de toestand in het filmtheater pas echt hevig wordt.

Rimpeling nr.2 gaat in tegenovergestelde richting en toont tekenen dat steeds meer Spelers uit hun droomstaat ontwaken, of op zijn minst ontwaken binnen hun droomstaat.

Herinner je nog wat ik zei over een template (of matrix) voor de aardse omgeving, in hoofdstuk vierentwintig? Laten we eens wat speculeren over die template, hoe met de tijd zou kunnen veranderen…

Weet je nog van Het Veld?

Een veld met alle mogelijkheden.2

Aan het universum ligt een enkel universeel veld van intelligentie ten grondslag… de basis van alle natuurwetten, alle fundamentele energieën, alle fundamentele deeltjes, alle wetten die het leven besturen, op elk niveau van het universum.3

Wat we als materie zien kunnen we niet verklaren… tenzij we aannemen dat deze materiedeeltjes op een of andere manier voorkomen uit deze gedachtegolfpatronen. 4

Een Oneindige Ik maakt gebruik van dit Veld en kiest daaruit bepaalde golffrequenties om daarmee de holografische ervaringen voor een Speler te creëren.

Description: ii2

Om niet ieder keer auto’s, gebouwen en brievenbussen, maar ook niet sterrenstelsels, zonnestelsels en planeten te hoeven creëren, gebruikt het een template uit Het Veld met de naam Omgeving, als basis voor de set van de totale onderdompelingfilm. Het voegt daar voor zijn individuele Speler unieke aspecten aan toe. Daarna wordt dit hologram naar het brein van de Speler gedownload.

Ook heb ik het over het brein van de mens gehad die deze holografische golffrequenties uit Het Veld ontvangt en vertaalt in ‘fysieke realiteit,’ zoals een radio geluidsgolven omzet naar muziek en geluid en waar de Speler in beeld komt. Laat me dit uitleggen…

Een radio kan een bepaald bereik aan frequenties opvangen en in muziek vertalen. Het bereik van AM is van 535 tot 1605 kHz en het FM bereik is meestal van 88 tot 108 MHz; dat kan van land tot land verschillen. Uiteraard zijn er buiten deze bereiken meerdere frequenties, maar die kan een radio niet meer opvangen.

Voor mensen geldt dit ook; ons gehoor heeft voor geluidsfrequenties een beperkt bereik. Honden en dolfijnen bijvoorbeeld horen andere geluidsfrequenties dan wij.

Het is wetenschappelijk komen vast te staan dat ons brein een groter bereik aan frequenties opvangt dan wij waarnemen. Michael Weliky van de universiteit van Rochester leidde een onderzoek waarbij werd geconcludeerd dat zeker 80% van de door ons ontvangen frequenties ‘op slot gaan’5 en niet worden waargenomen.

Afgezien van het bereik aan frequenties dat een mensenbrein uit Het Veld zou kunnen ontvangen, is het duidelijk dat we er maar een klein deel van waarnemen. En door wat wordt dit bereik aan frequenties bepaald? Door de oordelen en angsten die in de eerste helft van het Mensenspel worden gevormd. Hieruit volgt dat deomgevingstemplate uit Het Veld, die een Oneindige Ik naar ons download, wordt gelimiteerd door het frequentiebereik van de Speler, op basis van zijn oordelen en angsten.

Ik wil het nog eens voor een derde keer herhalen omdat het zo belangrijk is:

Onze oordelen en angsten beperken het frequentiebereik dat onze Oneindige Ik uit Het Veld naar ons download en daarmee beperken we de holografische ervaring die wij waarnemen.

 Dit wordt door de gekleurde brillenglazen van Dr. Bruce Lipton met de angst en liefde afbeeldingen goed gedemonstreerd.6

Met dit in gedachten wil ik eens naar het frequentiebereik van onze huidige omgevingstemplate kijken, hoewel het gewaagd is vanwege de analogie met de radio. Voordat we daarmee beginnen wil ik benadrukken dat er geengoede of foute frequenties zijn; bij hogere of lagere frequentiewaarden is de ene niet beter of slechter dan de andere. De muziek op 91.4 is niet beter dan die op 104.7. Het is slechts een andere frequentie met een andere inhoud. Bij jou heeft de ene soort muziek misschien meer voorkeur dan een andere, maar dat maakt die niet beter.

Om geen oordelen aan frequentiegetallen te koppelen, heb ik met opzet de volgende grafieken omgedraaid en is die anders dan je verwacht. Deze is nu meer in overeenstemming met onze achtbaananalogie, waarbij met het toenemen van de hoogte ook de ervaringsinperking toeneemt.

Oké, laten we er eens van uitgaan dat het totale frequentiebereik in Het Veld voor een Oneindige Ik van 0 tot 2000 gaat…

Description: loe1

 

De hedendaagse Speler kan maar een deel van dat frequentiebereik ontvangen (500-1800), vanwege zijn oordelen en angsten…

Description: loe2

Als we het frequentiebereik van alle Spelers op Aarde in een grafiek uitzetten, dan krijgen we iets wat hierop lijkt…

Description: bell

 

…met erg weinig ervaringen van totale vreugde en overvloed (wat het onbeperkte benaderd); er zijn ook maar weinig ervaringen met catastrofale rampen en plagen (volledige inperking); en een meerderheid met deomgevingstemplate die een bereik heeft van schoonheid, zonsondergangen, vreugde en liefde tot oorlog, geweld, misbruik en angst.

Ik vindt het interessant om het frequentiebereik van de omgevingstemplate in mijn hologram in de gaten te houden en op veranderingen te letten. Zoals ik al zei, lijkt het erop dat oorlog, geweld, misbruik en angst toenemen. Het aantal mensen dat met pijn en lijden te maken krijgt lijkt in verhouding tot vroegere templates over de laatste vijftig jaar dramatisch toe te nemen. Dat vertelt me dat steeds meer eerste helft Spelers een hoogtepunt in inperking naderen en dat steeds meer Oneindige Ikken zich opmaken voor de Spelers die de tweede helft gaan betreden.

Ben ik duidelijk? In plaats van het toenemende aantal doden te veroordelen, door natuurrampen, financiële rampen en smeltende gletsjers als slecht te beoordelen, kan het ook een indicatie zijn dat de inperkingen hun hoogtepunt bereiken waardoor meer Spelers de tweede helft van het Spel zullen betreden; zoals dat stuk rubber waar ik het over had, dat net zover wordt uitgerekt tot die scheurt.

Hoe kunnen we in de omgevingstemplate een ander frequentiebereik bereiken? Door op spelersniveau de oordelen en angsten los te laten. We hebben met de vrije wil de mogelijkheid daartoe; daarmee zal het waargenomen frequentiebereik van de omgevingstemplate verschuiven en daarmee het frequentiebereik voor onzeOneindige Ikken in onze hologrammen, van deze…

Description: loe2

…naar deze…

Description: loe3

 

Je zult opmerken dat in dit nieuwe bereik, oorlog, geweld, misbruik en angst niet langer voorkomen. Ze bestaan nog wel, zoals alle frequenties, maar we ervaren ze als individuele Spelers niet meer.

Dit is wat er gebeurt als Spelers in hun coconfase vooruitgang boeken en als ze Roberts Proces en spirituele autolyse uitvoeren; het loslaten van oordelen en angsten en daarbij het afstrippen van egolagen; daarmee worden binnen hun hologram de inperkende ervaringen uit het filmtheater afgestopt.

Aan de andere kant van het spectrum gaan we dan meer schoonheid ervaren, meer zonondergangen, vreugde en liefde, op weg naar oneindige vreugde en overvloed.

Het heeft geen zin om, zoals sommige leraren suggereren, ‘nieuwe informatie’ naar Het Veld te zenden om zo nieuwe frequenties te creëren. Het Veld bevat al per definitie deze informatie en mogelijkheden. Bovendien creëren wij als Spelers niets. Het aantal DNA strengen hoeft voor het waarnemen van deze frequenties niet te veranderen; ook is het bereiken van verlichting niet nodig of het eten van biologisch voedsel of meditatie of wat dan ook. Het enige wat nodig is, is het loslaten van de oordelen en angsten; zij bepalen het frequentiebereik in de eerste helft.

De grote vraag is nu: ‘Wat als een groot aantal Spelers het filmtheater verlaten en hun cocon ingaan, hun oordelen en angsten loslaten en dit nieuwe frequentiebereik gaan waarnemen?’ Wat zou daarvan het effect zijn op de omgevingstemplate in Het Veld?

Met andere woorden, wat zou het effect zijn als grote aantallen Spelers transformeren in vlinder? Zou de grafiek er dan zo uitzien?

Description: bell1

De Britse bioloog Rupert Sheldrake heeft een theorie met de naam ‘morfische resonantie’ of ‘morfisch veld.’7

Die theorie zegt dat als er voldoende leden van een bepaalde soort hetzelfde gedrag vertonen, als er een kritische massa wordt bereikt, dan wordt nieuw gedrag snel en automatisch via ‘morfische resonantie’ naar de gehele soort overgebracht.

 

De term ‘morfisch veld’ is algemener in betekenis dan morfogenetisch veld en omvat allerlei organisatievelden naast die van morfogenesis; de organisatievelden van dierlijk en menselijk gedrag, van sociale en culturele systemen en van mentale activiteit kunnen alle als morfische velden worden gezien die een inherent geheugen bevatten.8

 

De theorieën van Sheldrake zijn door de meeste biologen hevig bekritiseerd, vele jaren lang. Enkele kwantumfysici echter ondersteunen Sheldrakes hypothese en zelfs David Bohm suggereerde dat die in de pas liep met wat hij de impliciete en expliciete orde noemde. 9

Door het zelf testen en uitproberen van dit model weet ik dat een individuele Speler invloed heeft op het frequentiebereik van zijn Oneindige Ik, voor zijn holografische ervaringen. Dat heeft alles te maken met het loslaten van oordelen en angsten en het afstrippen van egolagen.

Ik vraag me dus af…

Als meer en meer Spelers hun cocon ingaan, zal dan het transformatieproces voor iedere nieuwe generatie sneller verlopen en gemakkelijker worden?

Zal er dan een kritieke massa worden bereikt waarbij alle Spelers op Aarde automatisch het filmtheater uitlopen en hun cocon ingaan?

Zou dan de Aarde, zelf een Speler, niet langer een filmtheater nodig hebben en aan een geheel nieuw Spel beginnen?

Dit was rimpeling nr.2.

Ik hoop er nog lang genoeg bij te zijn om dat mee te mogen maken.

 

EINDNOTEN

 

  1. Shore, Alan, slotpleidooi in tv serie Boston Legal, uit 2006, Stick it – Verder lezen
  2. McTaggert, Lynne, The Field: The quest for the secret force of the universe – Verder lezen
  3. Hagelin, John, What the bleep!? – Down the rabbit hole – Verder lezen
  4. Wolf, Fred Alan, Ibid. – Verder lezen
  5. Schirber, Michael, Only using part of your brain? Think again – Verder lezen
  6. Lipton, Bruce, Biology of perception – Verder lezen
  7. Sheldrake, Rupert, A new science of life: The hypothesis of morfic resonance – Verder lezen
  8. Sheldrake, Rupert, The Presence of the past: morphic resonance and the habits of nature, p. 112 – Verderlezen
  9. Lemley, Brad. Heresy – Verder lezen

 

Lezers worden uitgenodigd over dit boek een recensie te schrijven of het te becommentariëren. Een Engelstalige audioversie is kosteloos te downloaden op:

ButterfliesFree.com

 

Description: dutch coverVlinders zijn vrij is een boek geschreven door Stephen Davis. Hij verwoord in dit boek zijn kijk op onze werkelijkheid. Een kijk die voor een groot gedeelte aansluit bij mijn eigen kijk op de werkelijkheid, de virtuele holografische realiteit.

Omdat Stephen het op een zeer unieke wijze beschrijft wil ik jullie dit niet onthouden. De komende tijd zal ik het complete boek op mijn blog publiceren.

Stephen heeft zijn boek vrijgegeven voor publicatie.

 

Voor de totale inhoudsopgave kijk op: Vlinder zijn vrij

Vlinders zijn vrij (35) – U.G. KRISHNAMURTI

U.G. KRISHNAMURTI

 Vraag: Veel van wat je hebt gezegd klinkt als hetgeen ik van U.G. Krishnamurti heb gelezen…

Antwoord: Ik heb veel van U.G. gelezen waar ik ook van hou (niet te verwarren met J. Krishnamurti). Ook heb ik dingen gelezen waar hij zichzelf nogal tegen lijkt te spreken, dingen waar ik het niet mee eens kan zijn óf die ik misschien totaal niet begrijp.

Hier een ‘anti-goeroe’ deel wat mij aanspreekt:

Mensen noemen mij een ‘verlicht man’ – een term die ik verafschuw – maar ze weten geen ander woord om mijn functioneren te omschrijven. Tegelijkertijd geef ik aan dat zoiets als verlichting niet bestaat. In zeg dat, omdat ik mijn hele leven heb gezocht en een verlicht man wilde zijn, en ik heb ontdekt dat zoiets als verlichting niet bestaat, en dat de vraag of iemand verlicht is of niet, niet bij me opkomt. Ik geef niets om een ‘zesde eeuw voor Christus Boeddha,’ laat staan al die andere pretendenten om ons heen. Het zijn een bende uitbuiters die teren op de goedgelovigheid van mensen.

Heilige mannen zijn namaak – ze zeggen me slechts wat in boeken staat. Ik kan het lezen – ‘doe hetzelfde opnieuw en opnieuw’ – wat ik niet wil. Ervaringen die ik niet wil. Ze proberen me een ervaring aan te smeren. Maar ik ben niet geïnteresseerd in een ervaring. Wat ervaring betreft is er voor mij geen verschil tussen een religieuze ervaring en een sekservaring of wat voor ervaring dan ook; een religieuze ervaring is net als elke andere ervaring. Ik ben niet geïnteresseerd in een Brahman ervaring; niet in een realiteitservaring; niet in een waarheidservaring. Misschien dat ze anderen helpen, maar mij niet. Ik ben niet geïnteresseerd in meer van hetzelfde; wat ik gedaan heb is genoeg.

Ik kwam op een punt waarop ik tegen mezelf zei: ‘Boeddha misleidde zichzelf en misleidde anderen.’ Al die leraren en redders der mensheid zijn verdoemde idioten – ze houden zichzelf voor de gek –ik ben in dat soort dingen dan ook niet langer geïnteresseerd en ben daarom volledig uit mijn systeem gestapt.

Je hoopt dat ik het probleem van verlangend denken oplos, omdat dit het beeld is van de heilige waarvan jij denkt dat hij zijn verlangens onder controle heeft gebracht. Als die man zoals jij denkt geen verlangens meer heeft, dan is hij een lijk. Geloof er niets van! Zulke mannen stichten een organisatie en leven in luxe, door jou betaald. Je onderhoudt hem. Hij doet het voor zijn levensonderhoud. Er is altijd ergens ter wereld wel een idioot die voor hem valt.

Zij die beweren de waarheid te hebben gezocht en die nu verkondigen, zijn de leugenaars, foppers, fakes en bedriegers van de wereld,. Oké, je wilt zelf uitvinden wat waarheid is. Kun je dat? Kun je de waarheid vangen, vasthouden en zeggen ‘Dit is de waarheid?’ Of je het nu aanneemt of verwerpt, het maakt niet uit; die zal van jouw persoonlijke vooroordelen en voorkeuren afhangen. Als je dus voor jezelf de waarheid wilt ontdekken, wat dan ook, dan ben je niet in de positie om die aan te nemen of te verwerpen. Je neemt aan dat er zoiets als waarheid is, je neemt aan dat er zoiets als een werkelijkheid is (een ultieme of een andere) – en het zijn die aannames die het probleem vormen, van lijden, voor jou. Kijk, als ik God wil ervaren, of de waarheid, de werkelijkheid of wat dan ook, dan zal ik voordat ik daarover kan oordelen, de geaardheid van de ervaringsstructuur binnenín mijzelf moeten begrijpen,. Ik moet het instrument daarvoor bekijken. Je probeert iets te vangen dat in termen van onze ervaringsstructuur niet te vangen is, dus moet die ervaringsstructuur eerst verdwijnen voordat dat andere naar binnen kan komen. Je zult nooit weten wat dat is. Je zult de waarheid nooit kennen, omdat het beweging is. Het is beweging! Je kunt het niet vangen, je kunt het niet bevatten, je kunt het niet uitleggen. We zijn niet geïnteresseerd in een logische vaststelling. Je moet het daarom zelf ontdekken. Wat is de waarde van mijn ervaring? Er zijn duizenden en duizenden ervaringen vastgelegd – ze hebben je niet geholpen. Het is jouw hoop die je drijft: ‘Als ik dit nog eens tien jaar volg, of vijftien jaar, misschien dat ik dan…’ omdat jouw hoop die structuur is.

Ik heb voor mijzelf en bij mijzelf ontdekt dat er geen zelf te ontdekken is – dat is de werkelijkheid waar ik het over heb. Dit is een vernietigende dreun. Het slaat in als een bom. Je hebt alles geïnvesteerd in dat ene mandje: zelfrealisatie, en uiteindelijk ontdek je dat er geen zelf te ontdekken is, geen zelfrealisatie – en je zegt in jezelf: ‘Waar ben ik verdomme mijn hele leven dan mee bezig geweest?’ Je ontploft.

Niets. Dat is wat je ontdekt. Zogenaamde zelfrealisatie is de ontdekking voor jezelf over jezelf dat er geen zelf te ontdekken is. Dat is schokkend – ‘Waarom verdorie heb ik daaraan mijn leven vergooid?’ Het is schokkend omdat het ieder zenuw zal verwoesten, elke cel, tot in je beenmerg. Ik kan je zeggen dat het niet eenvoudig is, het wordt je niet op een goudschaaltje gepresenteerd. Je moet volledig worden ontgoocheld, pas dan zal de waarheid zich op zijn eigen wijze aan je tonen. Ik heb ontdekt dat het zoeken naar waarheid absurd is, omdat het iets is dat je niet kunt vangen, vasthouden of uitleggen.

Zie, mijn problemen met mensen die me komen opzoeken is deze: ze kunnen de manier waarop ik functioneer niet begrijpen, en ik lijk de manier waarop zij functioneren niet te begrijpen. Hoe komen we dan in gesprek? We moeten er beide mee ophouden. Hoe kan er tussen ons een dialoog ontstaan?

Ik probeer hier niets te verkopen. Het is onmogelijk te simuleren. Dit heeft in een ander gebied plaatsgevonden dan ik had verwacht en waarvan ik heb gedroomd en waar ik verandering wilde; ik noem het dan ook geen verandering. Ik weet niet wat er met me is gebeurd. Wat ik je vertel is hoe ik functioneer. Er schijnt verschil te zijn tussen jouw functioneren en mijn functioneren, maar in de basis is er geen verschil. Hoe zou er tussen ons verschil kunnen zijn? Dat kan niet; maar zoals we ons uitdrukken lijkt die er wel te zijn. Ik heb het gevoel dat er verschil is, en dat is het wat probeer te begrijpen. Zo functioneer ik.

Hou het simpel. Complexe structuren kan ik niet volgen – daar heb ik moeite mee. Ik weet niet, misschien ben ik een onvolwaardige imbeciel – ik kan niet in conceptueel denken. Hou het bij eenvoudige woorden. Wat is precies de vraag? Het antwoord is er namelijk al; die hoef ik niet te geven. Ik herstructureer de vraag meestal, herformuleer deze zodat de vraag zinloos wordt.

Als iemand me plotseling iets vraagt, dan probeer ik te antwoorden en aan te geven dat er geen antwoord op die vraag is. Ik herformuleer dus en kaats de vraag naar je terug. Dat is geen spel, want ik heb er geen interesse in jou voor mijn visie te winnen. De vraag is niet of ik meningen heb aan te bieden – die ik natuurlijk wel heb, op alles, van ziekten tot goden, maar ze zijn net zo waardeloos als die van ons allemaal.

Het is de vragensteller die de antwoorden creëert; en vanuit het antwoord ontstaat de vragensteller, anders zou er geen vragensteller zijn. Dit is geen woordenspel. Ik weet het antwoord en je wilt een bevestiging van mij; je wilt dat er wat licht op jouw probleem geworpen wordt, of je bent nieuwsgierig – als je om deze redenen een dialoog met me wilt, dan verspil je tijd; daarvoor moet je naar een geleerde, een pundit, een onderlegd man – die kunnen op zulke vragen veel licht werpen. Dit is de soort dialoog waar ik in geïnteresseerd ben: je te helpen je eigen vraag te formuleren. Probeer eens een vraag te formuleren die van jezelf is.

Jouw natuurlijke staat heeft geen enkele relatie met religieuze staten van geluk, zaligheid en extase; die bevinden zich binnen ervaringsgebieden. Zij die door de eeuwen heen mensen op hun zoektocht naar religiositeit hebben geleid, hebben dit misschien ervaren. Zou jij ook kunnen. Het zijn gedachtegestuurde zijnstoestanden die net zo snel gaan als ze komen. Krishna bewustzijn, Boeddha bewustzijn, Christus bewustzijn of wat dan ook, ze gaan allemaal in de verkeerde richting: ze vallen alle binnen het tijdsveld. Tijdeloosheid kan nooit worden ervaren, kan niet worden gegrepen, vastgehouden en nog minder worden uitgedrukt, door niemand. Dat platgetreden pad leidt nergens heen. Er is daarginds geen oase; er is slechts de luchtspiegeling.

Kijk, mensen stellen zich voor dat zogenaamde verlichting, zelfrealisatie, Godrealisatie of wat je maar wilt (ik hou niet van deze woorden) iets esthetisch is, dat je voortdurend blij bent, in een voortdurende toestand van vreugde – dat zijn de beelden die men ervan heeft… Maar tussen die beelden en de actuele situatie is geen enkele relatie… Daarom zeg ik vaak tegen mensen: ‘Als ik je er ook maar een glimp van kon laten zien, dan zou je het met nog geen stok willen aanraken.’ Je zou er van wegrennen, want het is niet wat je wilt. Want kijk, wat je zou willen bestaat namelijk niet.

We willen niet vrij zijn van angst. We willen er spelletjes mee spelen en onszelf vertellen dat we ons ervan bevrijden.

Kijk, het zoeken verwijdert je van jezelf – leidt je in tegenovergestelde richting – het heeft absoluut geen relatie.

Een zoektocht gaat altijd in de verkeerde richting; alles wat je als diepzinnig en heilig beschouwd is een besmetting van het bewustzijn. Je houdt misschien niet van het woord ‘besmetting,’ maar alles wat je als heilig en diepzinnig beschouwd is wel besmetting.

Iets begrijpen is een zijnstoestand waarbij de vraag er niet meer is; er is dan niets wat zegt ‘nu begrijp ik het!’ – dat is het verschil tussen ons. Te begrijpen wat ik zeg, brengt je nergens.

Het bewustzijn dat in mij functioneert, in jou, in de tuinslak en in de worm, is dezelfde. In mij heeft het geen grenzen; in jou zijn wel grenzen – je bent erin opgesloten. Waarschijnlijk zet dit onbegrensde bewustzijn jou onder druk, ik weet het niet. Ik niet, ik heb er niets mee te maken. Het is als water dat het laagste punt opzoekt, dat is alles – dat is zijn aard. Dat is het wat er bij jou gebeurd: het leven probeert de insluiting op te ruimen, die dode structureren van denken en ervaring welke niet tot zijn aard behoren. Het wil eruit, het open breken. Dat wil jij niet. Zo gauw als je wat scheuren ziet, pleister je die dicht en sluit je het weer op. Wat je drijft hoeft geen zelfgerealiseerde man te zijn of spiritueel of Godgerealiseerd; alles, ook dat boomblad, leert je hetzelfde, als je het alleen maar de kans geeft.

Over religie hebben we de vreemdste ideeën – het lichaam kastijden, slapen op spijkers, controle, ontkenning – allerlei rare dingen. Waarvoor? Waarom bepaalde dingen ontkennen? Het verbaasd me. Wat is het verschil tussen een man die naar een bar gaat voor een glas bier en een man die naar de tempel gaat en de naam van Rama herhaald? Ik zie geen echt verschil… Ik heb niets tegen zijpaden, maar of je daarbij nu de ene weg neemt of een andere, een zijpad is een zijpad. Je ontsnapt ermee aan jezelf… Wat je doet of wat je niet doet maakt niets uit. Jouw oefening in heiligheid, jouw oefening in deugdzaamheid – het heeft sociale waarde voor de gemeenschap, maar heeft met dit  niets mee te maken.

Het conserveren van je seksuele energie zal je op geen enkele manier beter maken. Het is té onnozel en absurd. Waarom is daar zoveel druk op gelegd? Onthouding, continentie en celibaat zullen je niet in deze staat brengen, niet in deze situatie.

Jij weet niet wat goed is; je weet alleen wat goed voor jou is. Dat is jouw enige interesse, dat is een feit. Alles draait daar omheen. Heel jouw kunst en rede draait daar omheen. Ik ben niet cynisch. Het is een feit. Niets mis mee. Ik zeg niet dat ik er tegen ben. Situaties veranderen, maar het gaat om dat, wat je door die situaties heen leidt. Ik zeg niet dat dit verkeerd is. Als dat zo was, dan is er iets mis met jou. Zolang je reageert op basis van, wat ze noemen, tegendelen, goed en kwaad, dan zul je kieskeurig zijn in elke situatie, dat is alles – je kunt het niet helpen dat je zo doet.

Een ‘man van moraal’ is een angsthaas. Een ‘man van moraal’ is een bange man, een man met een klein hartje – daarom praktiseert hij moraliteit en oordeelt hij over anderen, in gerechtvaardigde verontwaardiging! Een echte man van moraal (als die bestaan) zal nooit, nooit over zijn moraal praten, of oordelen over de moraal van anderen. Nooit!

Het afwegen van mijn handelingen, vooraf en achteraf, ben ik voorbij. De morele vragen van: ‘Ik had zus moeten doen; ik had zo niet moeten doen; ik had dat niet moeten zeggen,’ al deze heb ik niet langer. Ik voel me niet schuldig, verontschuldig me niet, alles wat ik doe gaat automatisch. Ik kan in situaties maar op één manier handelen. Ik rationaliseer niet en denk niet logisch, niets, dat is de enige handeling in een bepaalde situatie.

Je vraagt me: ‘Heeft alles een doel?’ Kijk, er zijn jou een hoop betekenissen en doelen gegeven. Waarom zoek je dan naar de betekenis van het leven, het doel van het leven? Iedereen praat erover, iedereen. En er zijn antwoorden gegeven, door de redders, heiligen en sages van de mensheid – in India hebben ze duizenden – en toch stel je vandaag die vraag: ‘Heeft het leven een betekenis of een doel?’ Je bent óf niet tevreden óf niet geïnteresseerd het voor jezelf uit te zoeken. Ik neem aan dat je niet echt geïnteresseerd bent, omdat het je angstig maakt. Het is een erg angstig ding. Is er dan zoiets als waarheid? Heb je jezelf die vraag ooit gesteld? Heeft iemand jou over waarheid verteld?

Het leven is op een bepaalde manier één grote droom. Ik kijk naar je, maar weet helemaal niets van je – dit is een droom, een droomwereld – het bezit totaal geen werkelijkheid. Als de ervaringsstructuur het bewustzijn (of hoe je het ook wilt noemen) niet manipuleert, dan is het gehele leven één grote droom, vanuit de ervaring gezien – niet vanuit het gezichtspunt hier, maar vanuit jouw gezichtspunt. Zie, jij gééft dingen hun realiteit, niet alleen aan objecten maar ook aan gevoel en aan ervaringen, je denkt dat ze echt zijn. Als je dat alles eens niet met jouw opgebouwde kennis in verband brengt, dan zijn het geen dingen meer; dan heb je geen idee meer wat ze zijn.

 Moed is het opzij vegen van de ervaringen en het gevoel die de mens vóór jou heeft opgedaan. Jij bent de enige en groter dan al die dingen. Het is allemaal geëindigd, de gehele traditie is geëindigd, hoe heilig ook – alleen dan kun je jezelf zijn – dát is individualiteit. Je wordt voor het eerst een individu. Zolang je van iemand afhankelijk bent, van een of andere autoriteit, dan ben je geen individu. Zolang er afhankelijkheid is, kan individuele uniciteit zich niet uiten.

Mijn levensverhaal gaat tot een bepaald punt en stopt daar – daarna is er geen biografie meer. Begeerteloosheid, geen hebzucht, geen woede: ze hebben voor mij geen betekenis; ze zijn niet echt, en dat niet alleen, ze vervalsen me. Ik ben klaar met de hele zaak.

 Aan het begin van dit hoofdstuk had ik het over: ‘dingen waarin hij zichzelf nogal tegen lijkt te spreken, dingen waar ik het niet mee eens kan zijn óf die ik misschien totaal niet begrijp.’ Blijkbaar is U.G. het daarmee eens…

Ik ontken altijd wat ik zeg. Ik verklaar iets, maar die verklaring verklaart niet alles wat ik zeg, dus ontken ik het. Jij zegt dat ik mezelf tegenspreek. Ik spreek mezelf niet tegen. Ik ontken de eerste verklaring, de tweede verklaring en alle andere verklaringen – daarom klinkt het vaak erg tegenstrijdig. Ik ontken het de hele tijd, niet vanuit het idee ergens te zijn aangeland; gewoon ontkennen. Mijn spreken heeft geen doel.1

 

EINDNOTEN

 The essential UG[†††] Verder lezen

 

 

 

Description: dutch coverVlinders zijn vrij is een boek geschreven door Stephen Davis. Hij verwoord in dit boek zijn kijk op onze werkelijkheid. Een kijk die voor een groot gedeelte aansluit bij mijn eigen kijk op de werkelijkheid, de virtuele holografische realiteit.

Omdat Stephen het op een zeer unieke wijze beschrijft wil ik jullie dit niet onthouden. De komende tijd zal ik het complete boek op mijn blog publiceren.

Stephen heeft zijn boek vrijgegeven voor publicatie.

 

Voor de totale inhoudsopgave kijk op: Vlinder zijn vrij

Vlinders zijn vrij (27) – VORIGE LEVENS?

JED McKENNA

Vraag: Je gebruikt veel citaten van Jed McKenna die geen echt persoon is, althans niet zijn echte naam. Denk je dat hij echt bestaat?

Antwoord: Ik vertelde dat Robert Scheinfeld was gestopt als scout. Ik denk dat Jed McKenna voor het schrijven van zijn Enlightenment trilogy op een bepaald moment ook is gestopt. Hij beweert uit zijn cocon te zijn gekomen en nu vlinder is…

Dat zwerven over een verschroeide aarde was niet het einde, het was slechts het begin. Ik had nog steeds mijn eigen ontmanteling te volbrengen, wat me bijna twee jaren koste, tot ik op een plek kwam met de naam Klaar… Mijn werkelijkheid is nu die van een ontwaakte, een onwaarheid-ongerealiseerde toestand… In de volgende tien jaren probeerde ik die nieuwe wereld te begrijpen; een niet-wereld waarin een niet-ik toch schijnt te resideren.1

Er zijn redenen waarom ik niet weet of dit waar is. Een: het lijkt me voor Jed onmogelijk om zijn drie boeken te schrijven zonder met zijn coconproces te stoppen en zijn transformatie uit te stellen. Misschien dat hij, in de jaren die op zijn laatste boek volgden, een vlinder werd, omdat we sindsdien niets meer van hem hebben vernomen.

Twee: …daar kom ik zo op terug; eerste even terug naar de vraag.

Toen ik Jed zijn Enlightenment Trilogy voor de eerste keer las, wist ik ogenblikkelijk dat deze man, wie hij dan ook is, authentiek is. Hij moet wat hij schreef ook hebben meegemaakt, anders kun je dat niet met die woorden beschrijven. Ik zie in hem een man, een mede scout, die het volle uitzicht op de oceaan heeft; hij beschreef gedachten en gevoelens die ik herken en die alleen mogelijk zijn als je op een bepaald punt van je reis bent gekomen.

Bijvoorbeeld:

Hier ben ik dan, levend en wel, en ik heb besloten het te beschrijven zoals ik het zie. Ik sluit niets uit. Ik vertrouw nergens op. Als mijn beschrijving met al die tienduizend andere beschrijvingen conflicteert – ongeacht hun waarde en van wie dan ook – dan zijn voor mij die andere beschrijvingen niets meer dan fabels en folklore en kunnen ze naar de vuilnisbelt der historie worden verwezen. Ik ben eenvoudigweg hier en ‘hier’ lijkt niet erg op dat wat ze ervan zeggen dat het is, en ik ga mijn tijd en dat van anderen dan ook niet verspillen het anders voor te stellen. Dat ‘hier’ is niet mistig of duister. Het is niet mysterieus of magisch. Mijn kennis is toegankelijk en mijn zicht is helder. Gevaarlijk dit te zeggen, maar belangrijk. Ik interpreteer niet. Ik vertaal hier niets. Dit komt niet uit de tweede hand. Ik ben hier, nu, en vertel je wat ik zie, zo rechtstreeks mogelijk.

 Het is eenvoudig… Verlichting is waarheidsrealisatie. Niet eenvoudig de waarheid, maar dat wat niet eenvoudiger kán, wat niet verder kan worden gereduceerd.

 Verlichting is niet daar waar je heen gaat, het is als daar naar hier komt. Het is geen plek die je hebt bezocht en waar je graag naar terug wilt. Het is geen bezoek aan waarheid, het is het ontwaken van waarheid in jou. Het is geen vluchtige bewustzijnstoestand, het is permanente waarheidsrealisatie. Het is geen plek die je vanuit hier bezoekt, het is een plek die je vanaf daar bezoekt.

 Verlichten zien het leven als een droom, hoe kunnen ze daarom ooit verschil maken tussen goed en kwaad? Hoe kan het ene beter of slechter zijn dan het andere? Hoe belangrijk is de inhoud van een droom? Je wordt wakker en de droom vervliegt alsof die er nooit is geweest. Al die personen en gebeurtenissen die zo echt leken zijn verdwenen. Verlichten mogen dan in de droomwereld handelen en wandelen, ze verwarren droom nooit met werkelijkheid.

 De waarheid is, dat niets echt slecht is. Niets kan slecht zijn en niets kan slecht worden. Zelfs te denken dat iets slecht is, is niet slecht. Slecht kan niet bestaan… Als er niets slecht is, dan hoeft ook niets goed te worden gemaakt, wat betekent dat er niets hoeft te worden gedaan.

 Verlichten zijn uit de droom ontwaakt en verwarren die niet langer met de werkelijkheid. Ze zijn niet meer in staat aan wat dan ook waarde toe te kennen. Voor een verlichte is het einde van de wereld niet meer dan het breken van een twijg. De Gita zegt: ‘de wijze ziet in alles hetzelfde.’ De Tao zegt: ‘de wijze is onpartijdig.’ Een verlichte kan niets als slecht beschouwen, en hoeft daarom niets te herstellen. Niets is beter of slechter, dus waarom dingen veranderen?

 Eenmaal voorbij het denkbeeld van: dualiteit is ‘slecht’ en eenheid is ‘goed,’ vervalt de noodzaak iemand te ‘helpen’ of te ‘redden.’ Ikzelf bijvoorbeeld doe van wat ik doe niets waarvan ik denk dat ik zou moeten doen. Ik denk dat er niets ‘slecht’ is wat ‘goed’ gemaakt zou moeten worden. Ik doe het niet om lijden te verzachten of iets te bevrijden. Ik doe het vanuit mijn aanleg.

 Ik hoorde dat Maharishi Mahesh Yogi zijn teruggetrokken leven aan de voet van de Himalaya zeer waardeerde en daar wilde blijven, maar er kwam een naam van een Indiase stad in zijn hoofd op. Het kwam daar spontaan binnen. Toen hij dat aan iemand vertelde, werd hem geadviseerd daarheen te gaan; dat het de enige manier was om die naam kwijt te raken. Dat deed hij, raakte betrokken bij een gesprek en de hele Transcendente Meditatie beweging was het gevolg. Dat spreekt me aan. Aanschouw wat gebeurt en de stroom der dingen zal je brengen waar je moet zijn.

 Angst, in wat voor gedaante dan ook, is de motor achter de individuele mens en de menselijke soort. Eenvoudig gezegd drijft angst de mens voort. Het is uitdagend te stellen dat wij tweeledig zijn, rationeel en emotioneel, verdeeld over linker- en rechterhersenhelft; maar dat is niet waar. We zijn primair emotioneel en de overheersende is angst… Angst voor de holle kern. Angst voor het zwarte gat in ons. Angst voor niet-zijn. Angst voor het niet-zelf. De angst voor het niet-zelf is de moeder der angsten waarop alle andere zijn gebaseerd. Er is geen angst zo klein en pietluttig, of de angst voor niet-zijn zit in zijn kern. Alle angst is uiteindelijk angst voor niet-zelf.

 Het traject waar ik in zit zal me zo dichtbij niet-zijn brengen als maar mogelijk is, terwijl ik nog steeds een lichaam heb. Ik zal steeds minder energie naar mijn droomstaat leiden, mijn leringen terugbrengen naar hun meest verfijnde en minst tolerante vorm, mijn aandacht voor de wereld terugtrekken, zo minimaal zijn als maar mogelijk is.

 Jaren heb ik als closetvlinder tussen rupsen geleefd, hevig dromend over het zijn van vlinder. Ik wist dat dit sterk verschilt van rupsen. Ik wist van de onoverbrugbare kloof met hen, dat ik niet meer een van hen was, zij waren niet als ik en ik ben niet als zij. Ik wist met hen te communiceren, maar oppervlakkig, met een snel afnemende herinnering aan hun taal en gewoonten. Wat me tijd kostte was de reden te begrijpen waarom ik niet langer een van hen was, dat ik iets anders was, dat het verschil absoluut was. Ik had me de toelating tot een geheel nieuwe werkelijkheid verworven, maar was er nog niet ingegaan, omdat niemand me dat had uitgelegd, dat deze nieuwe staat van zijn van mij was, dat wat rupsen een vlinder noemen.

 En dan, op een dag is het er. Niets. Geen vijanden meer, geen strijd. Het zwaard dat aan je hand gegoten leek kun je als je vingers het willen laten vallen. Er valt niets meer te beweren en er is niets meer wat we nog moeten doen, er zal nooit meer iets zijn wat we moeten doen.

 Verlichting is geen diploma waarmee je naar de universiteit kunt, Zelfs niet een universiteitsbul waarmee je de ‘echte’ wereld in kunt. Het is het finale afstuderen. Geen jacht meer, geen najagen, geen strijd. Nu kun de wereld ingaan en doen wat je wilt; gitaar leren spelen, uit vliegtuigen springen, boeken schrijven, druiven kweken, wat dan ook.

 

Deze citaten komen uit de eerste pagina’s van zijn eerste boek Spiritual Enlightenment: The Damnedest Thing[‡‡], waarvan er in totaal drie zijn verschenen en het lezen zeker waard.

Na dit gezegd te hebben, is het me duidelijk geworden dat Jed en ik verschillende routes hebben genomen naar hetzelfde doel, wat voor verschil van mening zorgt op diverse punten. Ik wil deze graag in detail behandelen zodat je weet dat verschillende scouts verschillende manieren hebben om het pad te duiden. Jed en ik zijn het niet voor 100% eens, behalve over het einddoel.

De onderliggende toon bijvoorbeeld in zijn uitleg over de Kindmens, bevat oordeel en kritiek op hun slapend zijn binnen de droomstaat:

Kindmensen zijn bekrompen, angstig en traag… het is een afschuwelijke aandoening.

Het is duidelijk dat Jed het idee van het filmtheater, bedoeld om inperking en restricties te creëren, niet deelt. Zou hij dat wel doen, dan zou hij zo niet over het Kindmens oordelen en het als een perfect onderdeel van het Mensenspel zien.

Een ander voorbeeld is Jeds voortdurend refereren van Maya als de ‘godin der begoocheling’ en als personificatie van het ego, wat gemakkelijk kan worden uitgelegd als één of andere kracht daarbuiten, een soort entiteit of macht, die met opzet probeert mensen van vreugde, overvloed en waarheid af te houden.

Maya kan het beste als de intelligentie van angst worden gezien. Zij is de gevangenisbewaarster, de opzichter van de droomstaat. Het is Maya die ons de mysterieuze en levenbrengende kracht schenkt te zien wat er niet is en niet te zien wat er wel is. Het is Maya die de droomstaat mogelijk maakt waaruit ontsnapping vrijwel onmogelijk is. Zij geeft de droomstaat bestaan, en als je eruit wilt ontwaken, dan zul je haar moeten vernietigen, laag voor laag.

Wat me naar het derde punt over Jed brengt, is zijn oorlogszuchtige taalgebruik en houding, dat er een vijandis die bevochten moet worden en vernietigd…

Echte spiritualiteit is als een wilde opstand, het opkomen der onderdrukten in een ‘alles of niets’ wens naar vrijheid. Het is geen zelfverbetering of verdienste of vrienden imponeren of vreugde of de zin van het leven vinden . Het is een zelfmoordaanslag op een vijand van onvoorstelbare superioriteit.

 Mensen die dit serieus nemen hebben mij of anderen niet nodig, alleen maar de volgende vraag: het zetten van de volgende stap, het vinden van de volgende vijand en de volgende strijd. Zij die dit niet serieus nemen zijn onveranderlijk bezig zichzelf te misleiden, dat er geen echte stappen hoeven te worden gezet of strijd hoeft te worden gevoerd.

 Zijn derde boek heeft zelfs de titel Spiritual Warfare.[§§]

Ik moet wel aannemen dat Jeds route over de bergen veel strijd heeft gekost, met de elementen, de Indianen en wilde dieren; veel kapwerk om door het woud te komen. Dit, terwijl mijn route daar weinig van heeft. Bovendien is één van de stappen in de coconfase de realisatie dat er geen vijanden zijn, gaan daarbuiten daar buiten, geen dualiteit en geen hij of zij tegen mij.

Ook noemt Jed de kwantumfysica niet of andere wetenschappelijke ontdekkingen die aangeven dat het allemaal niet echt is, dat het een spel is. In plaats daarvan neemt hij het in zijn boeken heel serieus…

De persoonlijke revolutie wordt door emotionele energie van de puurste soort gevoed. Die komt voort uit focus en die gefocuste emotionele energie lijkt in niets op liefde, stilte of compassie. Het lijkt op ziedende woede of lelijke zaken, maar zo werkt het. Suïcidale ontevredenheid; zo worden revoluties gewonnen en ze zijn zo zeldzaam. Zang en gebed lanceren geen raketten naar de ruimte, terwijl een ontsnapping aan het ego net zoveel energie vraagt. Alle energie, die we normaal alle richtingen opsturen om onze droomstaat te figureren en in beweging te houden, richten we nu op één enkel punt. Het is alles of niets.

Maar het is maar een spel – een geweldige, complexe, opwindende en uitdagende schattenjacht naar waarheid.

Tenslotte gebruikt Jed zijn eerste boek, Spiritual Enlightenment: The Damnedest Thing, om zijn transformatie tijdens het coconproces te beschrijven. Hij beschrijft in gloedvolle termen het vrijheidsproces in het filmtheater en doet de lezer wensen om in zijn buurt te zijn.

In zijn tweede boek, Spiritually Incorrect Enlightenment[***], beschrijft hij hoe moeilijk het is om te komen waar hij is, met prachtige voorbeelden van één van zijn studenten, Julie, van haar spirituele autolyse proces – een realistisch kijk in het coconproces. (In het andere boekdeel klopt Jed zichzelf op de schouder, als de eerste die het boek Moby Dick van Melville door heeft.)

In zijn derde boek, Spiritual Warfare, buigt Jed zich weer terug en probeert hij de lezer ervan te overtuigen nietdaar te gaan waar hij is gegaan, maar in plaats daarvan in het filmtheater te blijven als Volwasmens…

Het belangrijkste onderscheid tussen deze twee toestanden is: dat het Volwasmens zijn zin heeft en het verlicht zijn niet. Het grootste voordeel van het inzicht wat waarheidsrealisatie echt betekent, is niet het te bereiken maar kunnen uitdelen, om spirituele inzichten op waardevoller zaken te richten dan op verlichting, welk laatste letterlijk het grootste eeuwige niets is.

Zo zou ik nog wat andere zaken kunnen noemen waarin ik het niet met Jed eens ben, maar laat ik niet overal over vallen. Laat het duidelijk zijn dat Jeds visie uit zijn route voortkomt, hoe hij over de bergen is gekomen. Hoewel zijn beschrijving van de oceaan bijzonder accuraat is, is zijn weg niet de enige weg en hoeft niet iedereen door te maken waar hij doorheen is gegaan. Ook zal niet iedereen voelen wat Jed voelde toen hij arriveerde. Ik althans niet.

Ook wil ik benadrukken dat er alleenstaande zinnen in zijn boeken zijn te vinden die de tendens van zijn schrijven tegen lijken te spreken…

Het is allemaal bewustzijn, je bent slechts bewustzijn. Verder is er niets.

 Maya, moet je weten, is geen archetypische godheid die ons van bovenaf tegenwerkt. Maya zit in ons, is een deel van ons… zij is geen zij en zij is voor jou niet extern. Ze zit in jou en haar lagen zijn de zaken waaruit jouw ego is opgebouwd.

 In plaats van een oorlogzuchtige houding aan te nemen, dienen we tegen ons gevoel in ons schild te laten zakken. Dat lijkt verwarrend tot we begrijpen dat we in dit conflict beide zijn, de voorvechter en de tegenstander, aanvaller en verdediger. Dat is het paradoxale aan deze strijd. Die is met vechten niet te winnen. Datgene wat vecht, dat weerstand biedt, is hetgeen we omver willen werpen.

 Jed uit in enkele gevallen zijn waardering voor datgene wat hij meestal lijkt te veroordelen en te bekritiseren, zelfs Maya…

Ik zou niet weten wat fascinerender, lieflijker en meer waardering waardig is dan Maya, de architect van begoocheling.

Het idee dat… het dualistische universum iets anders zou zijn dan het grootse en meest prachtige van alle zegeningen, is lachwekkend absurd.

Als je de boeken van Jed met een onderscheidend oog leest en je verder kijkt dan de algemene teneur en op de kernzinnen let, dan zul je iets prachtigs vinden. Het is mijn mening dat iedereen die vlinder wil worden, deze Enlightenment Trilogy dient te lezen.

 

EINDNOTEN

  1. Alle citaten in dit hoofdstuk zij van McKenna, Jed, The Enlightenment Trilogy – Verder lezen

 

Description: dutch coverVlinders zijn vrij is een boek geschreven door Stephen Davis. Hij verwoord in dit boek zijn kijk op onze werkelijkheid. Een kijk die voor een groot gedeelte aansluit bij mijn eigen kijk op de werkelijkheid, de virtuele holografische realiteit.

Omdat Stephen het op een zeer unieke wijze beschrijft wil ik jullie dit niet onthouden. De komende tijd zal ik het complete boek op mijn blog publiceren.

Stephen heeft zijn boek vrijgegeven voor publicatie.

 

Voor de totale inhoudsopgave kijk op: Vlinder zijn vrij

Vlinders zijn vrij (33) – ROBERT SCHEINFELD

ROBERT SCHEINFELD

 

Vraag: Je verwijst vaak naar Robert Scheinfeld maar citeert hem niet zo vaak; ook is het niet duidelijk wat je van zijn werk vindt.

Antwoord: Ik kan je niet genoeg vertellen hoezeer ik Robert Scheinfeld, over de rol die hij heeft gespeeld in mijn transformatie, waardeer.

Het was Robert – door zijn Busting Loose from the Money Game dvd voor thuisstudie en niet langer leverbaar – die me door de achterdeur van het filmtheater leidde in mijn cocon.

Het was Robert die me met het concept van het Mensenspel bekendmaakte, specifiek met de twee tegenovergestelde helften; erg verhelderend voor mijzelf over mijn leven.

Het was Robert die de basis voor het Proces legde die ik in mijn eerste coconjaar met succes toepaste; ik kon mijn oordelen over het daarbuiten daarmee loslaten en de energie waarmee we de hologrammen echt maken terugvorderen.

Het was Robert die me Jed McKenna en zijn Enlightenment trilogy leerde kennen, wat de volgende stap was in mijn transformatieproces.

Ik had het voorrecht met Robert te hebben gesproken en hem mijn waardering kon overbrengen. Ik bezocht één van zijn workshops en werkte me door drie van zijn ‘home transformation systems,’ volgde hem op Facebook en luisterde naar zijn ‘Phase 2 Players’ toespraken.

Ik zie Robert als een ‘mede scout.’ Maar na het eerste coconjaar ontmoette ik Robert en doodde hem. Niet letterlijk natuurlijk, als je begrijpt wat ik bedoel…

Zen meester Lin Chi sprak aldus: ‘Als je de Boeddha ontmoet, doodt dan de Boeddha. Als je een Patriarch ontmoet, doodt dan de Patriarch.’ Lin Chi vergoelijkt hier geen moord maar past een metafoor toe over de aard van het Boeddhisme. Geloof niet wat iemand zegt omdat die het zegt, hoe heilig ze ook zijn. Luister naar hun woorden en verken ze zelf…1

(Sheldon Kopp baseerde zijn bestseller If You meet the Buddha on the road, kill him hierop.)

Toen ik Robert ontmoette, werd het me duidelijk dat hij niet lang meer scout zou blijven; hij werd volledig in beslag genomen door het schrijven van zijn boeken, zijn ‘home transformation systems’ en zijn workshops.

Maar omdat hij stopte zag hij niet in dat zijn werk een aantal fundamentele denkfouten bevatte, welke hij anders ongetwijfeld zou hebben hersteld. (Robert heeft inmiddels aangegeven dat hij met het scout zijn stopt en zich op andere dingen richt. Ik hoop dat die ‘andere dingen’ de voortgang in zijn cocon betreffen en het herstellen van die fouten, voor eigen bestwil.)

Het vreemde is dat zijn grootste denkfouten met zijn bewoordingen te maken hebben; één van de hulpmiddelen die hij in de tweede helft van het Spel aanbeveelt is: ‘transformerende vocabulaire.’ Met ander woorden ziet hij duidelijk het belang van de woordkeuze die we toepassen; ik moet daarom aannemen dat hij het concept van begin af aan niet doorhad.

Wat ik bijvoorbeeld het Oneindige Ik heb genoemd, het bewustzijn aan de andere kant van Het Veld, wordt door Robert het Uitgebreide Zelf genoemd. Ik wil niet overdrijven maar uitgebreide is een oordeel, net als beter enhoger, en het uitbreiden van het zelf gaat in een andere richting dan we in onze cocon willen, meer richting het ‘niet-zelf.’

Robert spreekt als deel van het Proces ook over het ‘terugnemen van onze energie,’. Maar we hebben als Spelers helemaal geen energie, dus wat valt er terug te nemen?

De belangrijkste fout was misschien wel de bedenkelijke en pakkende frase die new age mensen zal aanspreken: ‘De zon van wie we werkelijk zijn.’ Hij gebruikt dit in zijn ‘wolken metafoor’ waarin hij uitlegt hoe we in de coconfase gaten in de wolkendek boren, waar de ‘zon van wie we werkelijk zijn’ doorheen kan gaan schijnen.

Mensen houden hier wel van, omdat dit het ego in de kaart speelt. Iedereen denkt graag meer te zijn dan slechts een Speler, dat het in werkelijkheid hun oneindige bewustzijn is die de lakens uitdeelt.

Welnu, het is waar dat de coconfase alles te maken heeft met ‘wie ben ik niet’ en met ‘wie ben ik.’ Maar de suggestie dat het eindresultaat de ‘zon van wie we werkelijk zijn’ zou zijn en die door het wolkendek heen te laten schijnen, bevestigt de illusie dat we meer zouden kunnen zijn dan een Speler van een Oneindige Ik in het Mensenspel. Het bevestigt de onechte egolagen die zeggen dat we uiteindelijk zelf onze Oneindige Ik zijn.

Zoals ik al heb gezegd, is het Proces van Robert excellent in het verwerken van oordelen en angsten uit de eerste helft van het Spel, voorzover je die daarbuiten aanwezig ziet. Maar het is niet werkbaar voor het vinden en oplossen van onderliggende angsten en de onechte identiteitslagen, die samen het ego vormen.

Ik kan Roberts werk aanbevelen; het heeft veel voor mij betekent. Je zou het behoedzaam kunnen lezen en bekijken, op je hoede voor denkfouten. Je zou je voordeel ermee kunnen doen. Ga daarvoor naarwww.robertscheinfeld.com.

Maar ik ken teveel van Roberts volgelingen die zichzelf graag ‘Fase 2 Spelers’ noemen, maar die geen idee hebben van de diep liggende angsten en egolagen en die over de realiteit spreken als hebben zij die zelf gecreëerd, naast hun vreugde over de hereniging met de ‘zon van wie we werkelijk zijn.’

Dat gezegd hebbende, wil ik ervan getuigen dat Robert geweldig werk heeft geleverd dat achterin het filmtheater toegankelijk is gemaakt. Het helpt vele Volwasmensen om hun cocon binnen te gaan. Hij is zonder twijfel een marketinggenie en zijn denkfouten zijn, uiteraard, perfect.

Wat ik, net als Robert, nog wil zeggen is, dat ik ook in de coconfase met dit boek ben gestopt. (En daarmee ook anderen? We zullen zien.) Wel ben ik verder gegaan dan Robert, maar ben nog steeds gestopt. Ik hoop dat ik niet net als Robert grote denkfouten heb gemaakt.

 

EINDNOTEN

  1. Dae Kwang, Kill the Buddha – Verder lezen

 

 

Description: dutch coverVlinders zijn vrij is een boek geschreven door Stephen Davis. Hij verwoord in dit boek zijn kijk op onze werkelijkheid. Een kijk die voor een groot gedeelte aansluit bij mijn eigen kijk op de werkelijkheid, de virtuele holografische realiteit.

Omdat Stephen het op een zeer unieke wijze beschrijft wil ik jullie dit niet onthouden. De komende tijd zal ik het complete boek op mijn blog publiceren.

Stephen heeft zijn boek vrijgegeven voor publicatie.

 

Voor de totale inhoudsopgave kijk op: Vlinder zijn vrij

Vlinders zijn vrij (32) – COMPASSIE

COMPASSIE

Vraag: Dit hele model doet nogal egoïstisch aan. Waar zit je hart? Waar is je compassie met het pijn en lijden van anderen?

Antwoord: Ik heb geen interesse in het bestrijden of verdedigen van egoïsme.

 

 

 

 

 

Ik laat dat over aan anderen zoals Robert Ringer (Looking Out for #1), Ayn Rand (The Virtue of Selfishness), Bud Harris (Sacred Selfishness: A Guide to Living a Life of Substance), David Seabury (The Art of Selfishness), de Hellers (Healthy Selfishness: Getting the Life You Deserve Without the Guilt), en Mahatma Gandhi (“Be the change you wish to see in the world”).

Mijn hart is nog net zo open als voorheen. Met het loslaten van oordelen, overtuigingen, meningen en angsten, kan het niet anders of je hart zal zich verder en verder openen. Het zal zich vullen met liefde en waardering voor de perfectie om ons heen, gericht op onze Oneindige Ik.

Maar compassie is een kompleet ander verhaal!

Compassie is een modewoord geworden, waarschijnlijk door toedoen van de Dalai Lama. Net als het hebben van een mening, lijkt het hebben van compassie een goede eigenschap. Het is een keurmerk geworden voor verlichting, iets wat ieder goed mens zou moeten hebben; net zoals het hebben van een mening symbool is geworden voor intelligentie en redelijkheid.

Laten we eens zien hoe compassie wordt gedefinieerd:

Diepe gewaarwording van het lijden van anderen met de wens dat te verlichten.1

Sympathisch bewustzijn van de ander zijn nood en de wens die te leningen.2

Deze definities maken duidelijk dat compassie in de eerste helft van het Mensenspel thuishoort, in het filmtheater en niet in de tweede helft.

Waarom? Wat is er mis met compassie? Er is niets mis. Dat zou een oordeel zijn. Maar de wijze waarop compassie wordt gedefinieerd (én gepraktiseerd) laat de Spelers over een ander zijn toestand oordelen, als slecht ofonwenselijk. Deze geeft het idee de realiteit van die andere persoon te willen veranderen en de wens die met je mee te dragen; iets wat in de tweede helft van het Spel onmogelijk is en onwenselijk. Het zal de Speler die compassie uitdraagt frustreren en verdrietig maken, soms zelfs wanhopig. Met andere woorden, het leidt tot verdere inperking en restrictie.

Daarom is compassie van nature geen bron van oneindige vreugde. Het geeft geen voldoening en geeft zelfs, als iemands pijn en lijden wordt meebeleefd, een slecht gevoel. In feite wordt dat zelfs van ons verwacht (‘ik heb verdriet om hen’). Een synoniem voor compassie is medelijden. Ik betwijfel of we dat vreugdevol mogen noemen.

Tijdens een bijeenkomst van de internationale gemeenschap in Tamera, stond er een jonge man uit Israël op en verkondigde ons zijn recente openbaring: zijn enige levenstaak was gelukkig zijn. Iedereen juichte en een gevoel van vreugde en enthousiasme vulde de ruimte. Totdat er een jonge vrouw opstond, de dochter van de goeroe, die ons vermaande het pijn en lijden van anderen niet te vergeten. Het deed de sfeer al gauw weer wegzakken.

Probeer op dit moment eens compassie te voelen. Wordt je daar blij van?

Hetzelfde zou je met jalousie kunnen doen. Voel je liefde als je jaloers bent? Maakt het je waardevoller en krachtiger? Word je daar warm van zoals liefde doet? Net zo goed als dat jalousie geen deel kan uitmaakt van oneindige liefde, zo kan compassie geen deel uitmaken van oneindige vreugde.

De enige manier waarmee compassie je goed zou kunnen laten voelen is door te denken dat je met compassie een goed mens bent.

Maar er is meer. Laten we compassie, omdat het in de eerste helft van het Spel zo’n belangrijke rol speelt, eens ontleden.

Herinner je dat jouw holografische ervaringen niet echt zijn en dat jouw Oneindige Ik jouw realiteit creëert. Herinner je dat de mensen die je in jouw hologram ziet – de anderen – acteurs zijn die voor jou een script volgen dat is geschreven door jouw Oneindige Ik. Denk terug aan de analogie van het holografisch universum, de totale onderdompelingfilm, jouw uiterlijke ervaring die jouw Oneindige Ik een innerlijke ervaring geeft. Alles wat je daarbij waarneemt in jouw realiteit is voor jou in scène gezet – voor jouw ervaring, ten gunste van jou – door acteurs zoals in een film of toneelstuk.

Als je naar een toneelstuk zou gaan, dan komen daar waarschijnlijk emotionele scènes in voor waarbij bijvoorbeeld een favoriete persoon wordt vermoord, verminkt, verkracht, gemarteld, uitgehongerd, ontheemd of misbruikt. Als het professioneel wordt gespeeld in een perfect decor, dan zul je voelen wat de schrijver van het stuk wil dat je voelt: woede, frustratie, sympathie, verdriet, pijn, spijt, en een heleboel ander emoties die ver van vreugde afstaan. Daar is het stuk dan ook voor bedoeld.

Na het toneelstuk ga je naar de naastgelegen bar voor een drankje; je vindt daar bij toeval ook de acteurs waar je net naar hebt gekeken. Ze zijn vrolijk en gezond en genieten van een biertje terwijl ze grappen laten rondgaan. Zul je daar dezelfde emoties hebben als tijdens het toneelstuk? Waarschijnlijk niet. Het zou dom aanvoelen als je nu voor de acteur die op het toneel moest sterven compassie zou voelen terwijl die op een barkruk naast je zit. Het is waarschijnlijker dat je hem voor zijn mooi gespeelde rol bedankt en vertelt hoezeer zijn rol jou aangreep.

De realiteit die je daarbuiten waarneemt als fysiek universum is een film – een fantastische totale 3D onderdompelingfilm – waarin jij een rol speelt. Het is niet anders als bij het toneelstuk dat je hebt gezien. Iedereen in jouw realiteit maakt deel uit van het hologram en speelt daarin de rol waarvoor ze door jouw Oneindige Ik zijn gevraagd en waarin ze hebben toegestemd. Wanneer hun rol is uitgespeeld, staan ze op van het slachtveld, ziekenhuisbed of achterbuurt en verheugen zich over hun rol, die jou ervan overtuigde dat ze echt waren. Ze hebben je de krachtige ervaring gegeven zoals jouw Oneindige Ik die voor jou heeft gewild en heeft gecreëerd. Maar verwar het niet door te denken dat de scènes en de rollen méér waren dan spelende acteurs in tijdelijke rollen op verzoek van jouw Oneindige Ik.

Een ander groot probleem met compassie is, als je een ander van zijn lijden af wil helpen of die wil verlichten. Eerlijk gezegd, hoe knap ook verpakt en acceptabel, is het nogal arrogant om te denken dat je het beter weet dan zijn Oneindige Ik, en wat voor ervaringen hij zou moeten hebben. Zelfs Mahatma Gandhi heeft gezegd: ‘Wees de verandering die je graag in de wereld ziet.’ Hij zei niet: ‘Verander de wereld zoals je die graag ziet,’ of ‘Verander de ander zijn ervaringen zoals je denkt dat die zouden moeten zijn.’

Op dezelfde wijze dat jij erop vertrouwt dat jouw Oneindige Ik voor jou de meest toepasselijke ervaringen zal creëren, kunnen we erop vertrouwen dat een ander zijn Oneindige Ik voor hem het meest toepasselijke zal creëren, ongeacht hoe die ons aan de oppervlakte toeschijnen.

In jouw holografische realiteit zal geen Speler verschijnen waarvoor jij verantwoordelijk bent en waarvan je de situatie moet veranderen. Noch heb je hiervoor de autoriteit en het vermogen. Hun ervaringen zijn net zo zorgvuldig gekozen als jouw ervaringen voor jou. Het wordt tijd dat te respecteren en vertrouwen te hebben in de keuzes van hun Oneindige Ikken, net als in die van jouw Oneindige ik, en niet te denken dat we het beter weten.

Trouwens, de wens een ander van zijn lijden te verlossen of die te verlichten zal niets anders dan frustratie, woede en neerslachtigheid veroorzaken, omdat je het vermogen niet hebt er iets aan te doen. Je kunt daartoe alleen maar pogingen ondernemen, die meestal zullen mislukken en je met een vervelend gevoel achter zullen laten. Daarom is compassie een inperkend concept dat in de eerste helft van het Spel thuishoort.

De bestaande realiteit zul je door vechten nooit veranderen. Als je wát wilt veranderen, bouw dan een nieuw model die het bestaande overbodig maakt.

– R. Buckminster Fuller

Compassie is van nature geneigd tegen dingen in de wereld te vechten en deze wijsheid te negeren. Veel vredesactivisten hebben de slogan: ‘Zeg nee tegen oorlog en geweld.’ Maar het denken en handelen tegen oorlog en geweld uit compassie, is zeer zeker vechten tegen een bestaande realiteit.

‘Maar stop eens even,’ hoor ik je protesteren. ‘Moet ik dan maar niets doen als ik in mijn hologram pijn en lijden tegenkom? Moet ik werkeloos toezien als een kind mishandeld wordt, een vrouw verkracht en mensen van honger en ziekte omkomen?’

Absoluut niet. Dát hoor je mij niet zeggen. Maar in plaats van compassie in de eerste helft die alleen maar naar meer inperking leidt, zijn empathie (niet sympathie), ethiek en enthousiasme voor jouw reacties in de tweede helft van het Spel bepalend. Hier volgt wat ik bedoel…

Als je in de tweede helft op zo’n holografische ervaringen het Proces hebt uitgevoerd – elke keer als iemand of iets onaangenaam aanvoelt – dan kun je de pijn en het lijden dat jouw hologram binnenkomt anders zien. Maar dit dien je te onthouden: zolang als het onaangenaam aanvoelt – inclusief het onaangename door compassie – dan ken je energie toe aan daarbuiten en is er een oordeel. Alleen als je iemands pijn en lijden zonder oordeel van goed ofslecht en zonder de noodzaak tot veranderen bekijkt, pas dan kun je zuivere actie ondernemen. Dan kun je in elke situatie jouw enthousiasme en vreugde volgen.

Ik heb me bijvoorbeeld afgevraagd wat ik zou doen als er een hologram verschijnt waarbij een kind voor mijn ogen wordt mishandeld. Ik heb hier eerlijk gezegd geen antwoord op, omdat er veel van de situatie afhangt. Maar mijn ethiek zal er wel voor zorgen er iets aan te willen doen, omdat ik voor de holografische ervaringen van mijnOneindige Ik zorgdraag.

Misschien ga ik tussen de volwassene en het kind in staan en de volwassene zeggen dat dit me niet bevalt en vragen of die in plaats van het kind mij wil gaan slaan, waar ik me dan niet tegen zou verzetten. Maar dat is slechts één mogelijkheid. Ik zou in geen geval in die situatie als goed of fout willen beoordelen of dat ik de situatie zoumoeten veranderen. Maar voor het moment zou ik mijn gevoel volgen en zou ik er enthousiast voor kiezen mijzelf te laten slaan in plaats van het kind. Ik zou daarbij niet terugslaan of me verdedigen. Mahatma Gandhi zou dat ook niet doen, zoals hij keer op keer heeft bewezen.

Oké, dat is een bepaalde individuele situatie. Hoe zit het met die miljoenen mensen in de wereld die hoger lijden, die ieder dag gedood worden of verminkt in talloze oorlogen en bij ander geweld, die thuisloos zijn en ziek en die een groot deel van de wereldpopulatie uitmaken als we het nieuws op tv moeten geloven. Hoe zit het met hen?

‘Wees de verandering die je graag in de wereld ziet.’ zei Gandhi. Hier is daarom een ander moeilijk geval:

Ondanks alle pijn en lijden dat we daarbuiten te zien krijgen, is het enige wat van ons als Speler in het Spel wordt verwacht, het terugvorderen van de energie die we in de eerste helft aan het daarbuiten hebben toegekend, plus de achtbaan nemen naar oneindige vreugde, oneindig vermogen, oneindige wijsheid, oneindige overvloed en oneindige liefde. Het is uitsluitend onze verantwoordelijkheid in onze eigen realiteit te leven.

Als we in ons hologram beelden van pijn en lijden daarbuiten zien, dan is dat primair omdat onze Oneindige Ik ons iets wil laten zien; waar we in de eerste helft energie aan hebben toegekend en de gelegenheid te bieden die terug te vorderen. Die vreselijke beelden zijn niet bedoeld om er iets aan te doen, maar zijn bedoeld om wat aanonszelf als individuele Speler te doen. Kortom, het pijn en lijden van een ander, die de weg naar ons hologram heeft gevonden, is een gelegenheid om oordeel en compassie los te laten en een nieuwe manier van voelen en handelen te onderzoeken.

Herinner je wat we over anderen gezegd hebben in hoofdstuk drieëntwintig…

Andere mensen dienen drie hoofdredenen in jouw holografische ervaring:

  1. Om je te tonen wat je over jezelf denkt of voelt.
  2. Om je inzicht of informatie te geven.
  3. Om iets voor jou op gang te brengen.3

Dit omvat alle mensen waarover je oordeelt dat ze pijn en lijden ondergaan; nergens in dat lijstje staat: ‘anderen hebben tot doel dat jij ze redt van hun ervaringen.’

Gaandeweg echter zullen we enthousiasme gaan voelen, enthousiasme die ons aanspoort iets te gaan doen. Als ik daarom in mijn hologram iemand tegenkom die pijn lijdt, dan oordeel ik er niet over of val in de kuil van het te willen veranderen; toch kan het me vreugde geven iets te doen.

Wat als iemand in mijn hologram om hulp vraagt? Die geef ik graag zolang me dat vreugde schenkt – zonder oordeel of weerzin – en zolang ik maar geen verwachtingen heb over het resultaat.

Begrijp me niet verkeerd. Als iemand in mij hologram pijn lijdt, dan raakt met dat en zal ik helpen als erom gevraagd wordt, maar zonder de intentie te verhelpen, te veranderen of te verbeteren. Gelijkertijd weet ik ook, dat ze geen slachtoffer van iets of iemand daarbuiten kunnen zijn, net zoals dat voor mij geldt overigens; ik zal hen in hun inperkende ervaringen dus ondersteunen waar ik kan en weten dat ze door de eerste helft van het Spel heengaan. Hetzelfde geldt voor hen die in de eerste klim van de achtbaan zitten, om ze te steunen terwijl ze daar maar hangen!

Hier volgt een wat onsmakelijk voorbeeld, maat het is de beste waar ik nu aan denk. Iemand roept me aan tijdens de steile klim omhoog op de achtbaan. Ze roepen dat ze ziek worden en hulp willen. Ik zal er dan alles aan doen om bij hen te komen om een kotszakje te brengen en hun haar naar achteren houden terwijl ze overgeven, bemoedigend toespreken of hoe dan ook te helpen. Wat ik niet zal doen is over hun ervaring oordelen als fout en vinden dat die anders zou moeten zijn, of medelijden met ze hebben en proberen ze uit de achtbaan te halen. Ik heb het zelf meegemaakt; het voelt niet goed en ik weet het. Maar ik weet ook dat er nauwkeurig voor hun ervaring is gekozen door hun Oneindige Ik en dat die voor dat moment perfect is. Je kunt nu eenmaal geen achtbaan nemen zonder die eerste steile klim te ondergaan.

Er is een oud gezegde in de hulpverlening, dat een alcoholicus niet met drinken zal stoppen totdat die genoeg heeft gehad. Een cursus in wonderen zegt: ‘als je broeder je om iets vraagt, doe het dan, want het maakt niet uit.’4Als dus een alcoholische broeder jou om een borrel vraagt, wat doe je dan vanuit je compassie? Volgens die principes is het waarschijnlijk het beste hem die maar te geven, in plaats van te oordelen en proberen zijn ervaring te veranderen, omdat jij zou weten wat het beste voor hem is.

Er is uiteraard dat verlangen alle Spelers in ons hologram dezelfde vreugde, energie overvloed en liefde te laten ervaren zoals we dat zelf doen; als we iemand tegenkomen die niet in die conditie verkeerd, dan wensen we die de mooie dingen uit de tweede helft toe. Maat we dienen hun situatie niet als goed of slecht te beoordelen, dat onze situatie beter zou zijn dan die van hen en daar verandering in te brengen.

Vele jaren terug gaf ik het idee om de ‘aarde te redden’ of om een einde aan oorlog te maken op; het was toen ik me realiseerde dat de oorlog voor mij een zeer waardevolle ervaring was geweest (al was het alleen maar om in te zien wie ik niet was en hoe ik niet wilde zijn); ‘wie was ik om een ander die ervaringen te ontnemen in vergelijkbare situaties?’ Ik ben er vandaag dankbaar voor dat ik weet hoe je uit Het Veld andere frequenties kunt downloaden (zoals we in hoofdstuk zesendertig zullen zien) voor een harmonieus en vredig leven op deze planeet, maar zonder een oordeel over hoe anderen leven, ook over hen die op één of andere manier verkeerd zouden leven.

Het punt van de jonge Israëliet bij Tamera was, dat in plaats van neerslachtig te worden door andermans pijn en lijden en deze zelf ook te voelen, hij had besloten dat vreugde zijn taak was, om anderen de hoop en inspiratie te bieden dat hun levensmodel er anders uit kon zien.

Ik betwijfel ten zeerste of zij die pijn hebben, op onze deelname daarin zitten te wachten. Ze willen van ons helemaal geen medelijden of dat wij ook ‘hun pijn’ voelen. Ik denk dat ze ons liever vol vreugde zien; dat ze aan ons zien wat voor hen ook mogelijk is.

Daarom dienen we in de tweede helft van het Spel in plaats van compassie, ons enthousiasme en onze passiete volgen en in relatie met onze holografisch ervaring die dingen te doen waartoe we bewogen worden, zolang er maar geen oordeel of weerzin in het spel zijn.

De aarde hoeft immers niet te worden gered. Die is perfect zoals die is, tot op het kleinste detail.

Het redden van de aarde lijkt oppervlakkig gezien een hoogst arrogante gedachte,  door de mening te weten hoe die eruit zou moeten zien; maar is ook een slimme verleiding van het ego – van Maya – om zelf kracht en bestaansrecht te behouden.

Ik realiseer me dat er vandaag de dag veel sociale druk op het ‘compassievol zijn’ wordt gelegd; maar in feite is compassie een van de grootste leugens die mensen binnen het filmtheater er op na houden, om het simpele feit dat focus op compassie met anderen de Spelers ervan weerhoudt naar zichzelf te kijken. Zolang jouw tijd en aandacht gebonden is aan het verlichten van de pijn van anderen, zul je nooit in staat zijn om aan je eigen oordelen en angsten te werken. In plaats daarvan blijft je voor de goede vrede in de egolagen hangen – de identiteit die je niet bent – die we compassie noemen.

(Als je vanuit hoofdstuk zestien ‘Oordelen’ hiernaartoe bent gesprongen, kun je hier weer terug.)

EINDNOTEN

 

  1. American Heritage Dictionary, Compassion – Verder lezen
  2. Merriam-Webster Dictionary, Compassion – Verder lezen
  3. Scheinfeld, Robert, Journey to the Infinite home transformational system – Verder lezen
  4. 4. A Course in Miracles, 206 – Verder lezen

 

 

Description: dutch coverVlinders zijn vrij is een boek geschreven door Stephen Davis. Hij verwoord in dit boek zijn kijk op onze werkelijkheid. Een kijk die voor een groot gedeelte aansluit bij mijn eigen kijk op de werkelijkheid, de virtuele holografische realiteit.

Omdat Stephen het op een zeer unieke wijze beschrijft wil ik jullie dit niet onthouden. De komende tijd zal ik het complete boek op mijn blog publiceren.

Stephen heeft zijn boek vrijgegeven voor publicatie.

 

Voor de totale inhoudsopgave kijk op: Vlinder zijn vrij